Belastingplan 2017. Geen schokkende voorstellen

Written by  in category 
september 21, 2016

Prinsjesdag is voor ons, belastingadviseurs, een soort hoogtijdag. Wekenlang zie ik er met spanning naar uit. En vervolgens zijn wij wekenlang na Prinsjesdag nog steeds bezig met het bestuderen van deze voorstellen. Dus hoe belangrijk is die dag…

Ieder jaar hoop ik op prachtige fiscale tegemoetkomingen voor ondernemers of particulieren. Denk eens terug aan 2013, toen werd voorgesteld om schenkingen voor eigen woningen vrij te stellen van schenkbelasting tot € 100.000. Het werd een rage!

Maar nu: 2016. Wat zijn de plannen? Ik zie weinig schokkende dingen. Waar ik ieder jaar weer bang voor ben, is de beperking van belastingvoordelen voor ondernemers. Denk aan de zelfstandigenaftrek, de startersaftrek, de MKB-winstvrijstelling. Gelukkig blijven die allemaal bestaan; ondernemers hebben dus niets te vrezen van Belastingplan 2017.
Ook had ik een maatregel verwacht die een dam opwerpt tegen het verschuiven van ‘hoogbelast’ box 3-vermogen naar de ‘laag belaste’ BV. De enige maatregel die ik nu zie, is dat het kortstondig verschuiven van box 3-vermogen naar een flits-VBI niet meer zonder belastingheffing mogelijk is.

De meest opvallende wijzigingsvoorstellen voor (klein) MKB en particulieren:
1. Het hoogste tarief in de inkomstenbelasting blijft 52%, en begint pas bij een inkomen van € 67.072. Reeds in 2016 begon die vierde schijf bij € 66.421. Geen bijzondere wijziging dus, maar nog steeds even wennen dat ons hoogste belastingtarief niet meer bij circa € 57.000 begin (2015), maar zo’n € 10.000 hoger is.
2. Het is niet meer mogelijk om box 3-heffing te besparen door het box 3-vermogen aan het einde van jaar 1 in een VBI (vrijgestelde beleggingsinstelling) in te brengen, en in het begin van jaar 3 weer uit de VBI te halen. Het grote voordeel was dat er op twee peildata geen box 3-heffing verschuldigd was, terwijl de heffing in box 2 ook zeer beperkt bleef. Door een nieuwe wettelijke bepaling wordt hier een streep doorgehaald.
3. Een bouwkavel wordt ook als ‘woning in aanbouw’ (dus eigen woning) beschouwd, als voor dat bouwkavel concrete stappen zijn gezet voor het in gang zetten van bouwkundige werkzaamheden voor de realisatie van een eigen woning.
4. Vanaf 2017 vervalt de aftrek van kosten voor monumentenpanden (rijksmonumenten).
5. Vanaf 2018 vervalt de aftrek van scholingskosten.
6. Voor nieuwe innovatieve ondernemingen is het vanaf 2017 wettelijk mogelijk om van een lager gebruikelijk loon uit te gaan dan het wettelijke minimale bedrag van € 44.000. Onder voorwaarden mag de directeur-grootaandeelhouder vanaf 2017 uitgaan van het minimumloon. De DGA hoeft dus minder loon uit te betalen.
7. Einde van het pensioen in eigen beheer! Opbouw is niet meer mogelijk. Afkoop is mogelijk met een korting van 34,5% in 2017 (de korting in 2018 en 2019 afgebouwd). Voorwaarde is dat de pensioenverplichting geheel wordt afgekocht. In plaats van afkoop kan er ook voor worden gekozen om de pensioenverplichting om te zetten in een oudedagsverplichting. Deze oudedagsverplichting kan worden aangewend voor een lijfrente (of vergelijkbaar alternatief), en wordt anders in een periode van 20 jaar uitgekeerd.
8. De fictieve dienstbetrekking van de commissaris vervalt; geen dienstbetrekking meer dus.
9. Het tarief in de vennootschapsbelasting is 20% tot een belastbaar bedrag van € 200.000. Deze tariefschijf wordt per 1 januari 2018 verhoogd naar € 250.000, per 1 januari 2020 naar € 300.000 en per 1 januari 2021 naar € 350.000. Het totaal maximale voordeel is dus € 7.500 (namelijk 5% Vpb-besparing op maximaal € 150.000 in 2021).
10. Het begrip bouwterrein in de omzetbelasting wordt: ‘onbebouwde grond die kennelijk bestemd is om te worden bebouwd met een of meer gebouwen’. Deze omschrijving is ruimer dan voorheen, en gaat nu aansluiten op de bestaande rechtspraak. Er kan dus eerder sprake zijn van een bouwterrein.
11. BTW teruggave op geheel of gedeeltelijk oninbare vorderingen wordt vereenvoudigd. Het recht op teruggave ontstaat op het moment dat de oninbaarheid kan worden vastgesteld. Vanaf 2017 wordt dat moment verondersteld te liggen één jaar nadat de vordering opeisbaar is geworden, maar nog niet is betaald. Dus één jaar na opeisbaar worden en onbetaald blijven, ontstaat recht op teruggave. En daarnaast kan de ondernemer de teruggave simpelweg in de BTW-aangifte verwerken (en hoeft dus niet meer in een apart verzoek).

Wat niet in het belastingplan 2017 staat, maar wel in 2017 gaat gelden:
Box 3 wordt vanaf 1 januari 2017 anders belast (door meerdere rendementsklassen). We kunnen dus niet meer simpelweg met 1,2% van het vermogen rekenen, maar de heffing is vanaf 2017 afhankelijk van de hoogte van het vermogen.
We wisten ook al dat de verhoogde schenkingsvrijstelling voor de eigen woning in 2017 opnieuw mogelijk is tot € 100.000.

Dit betreft een vereenvoudigde weergave van het Belastingplan. Meer specificatie is uiteraard te vinden in de plannen zelf.

No Responses